Septembercirculaire 2024

De septembercirculaire 2024 bevestigt de aanhoudende financiële druk op gemeenten. Hoewel 2024 een incidentele meevaller kent via het Btw-compensatiefonds, blijft de structurele ruimte richting 2028 uiterst krap. Deze pagina zet de financiële gevolgen helder uiteen en vertaalt de uitkomsten naar concrete, strategische acties om de meerjarenbegroting sluitend en realistisch te houden.

  • Heldere analyse van de septembercirculaire 2024 en de impact op de meerjarenramingen

  • Concrete handvaten om de incidentele BCF-meevaller strategisch in te zetten binnen de kaders van het BBV

  • Praktische acties en ombuigingsstrategieën om de structurele druk tot en met 2028 het hoofd te bieden

In één oogopslag

De septembercirculaire 2024 levert geen structurele oplossing op voor de meerjarige tekorten. Er is in 2024 een incidentele BCF‑meevaller, terwijl het volumedeel van het accres naar beneden is bijgesteld. Per saldo ontstaat vanaf 2026 opnieuw druk op de algemene uitkering, ondanks enkele gerichte toevoegingen (Jeugd, bibliotheken, energie). Hieronder zetten we de belangrijkste cijfers en effecten op een rij.

Geen oplossing voor 2025 en verder

Gemeenten halen ruim de helft van hun inkomsten uit de algemene uitkering. Vanaf 2026 loopt deze uitkering terug, terwijl taken en verwachtingen niet dalen. Het gevolg: structurele tekorten. In de meest recente ramingen blijft het tekort voor het gemeentelijk domein vanaf 2026 rond € 1 miljard per jaar. Het schrappen van de ‘oploop van de opschalingskorting’ dempt de pijn, maar dicht het gat niet.

Incidenteel voordeel in 2024: Btw‑compensatiefonds (BCF)

In 2024 wordt € 447 miljoen extra aan het gemeentefonds toegevoegd via het Btw‑compensatiefonds (BCF) omdat de gezamenlijke btw‑declaraties onder het BCF‑plafond blijven. Voor een gemeente van 40.000 inwoners betekent dit circa € 900.000 incidenteel voordeel. Let op het basisjaar: in 2023 was het BCF‑voordeel € 573 miljoen. Gemeenten die dat voordeel structureel hebben ingeboekt, zien in 2024 per saldo ongeveer € 250.000 nadeel (bij 40.000 inwoners) ten opzichte van 2023. Behandel 2024 dus expliciet als incidenteel.

Indexering en accres: bbp‑systematiek met lager volumedeel

Sinds 2024 is de accressystematiek gebaseerd op de bbp‑ontwikkeling over acht jaar, vermeerderd met de inflatie. De (iets) hogere inflatie voor 2025 geeft een structurele plus in het prijsdeel. Tegelijkertijd valt het volumedeel in alle jaren iets lager uit. In 2028 is de daling van het volumedeel circa € 150 miljoen landelijk; omgerekend is dat voor een gemeente van 40.000 inwoners ongeveer € 300.000 minder reële ruimte. Conclusie: je vangt prijsstijgingen op, maar reëel krimpt de bestedingsruimte voor groei en nieuwe opgaven.

Jeugd en Wmo: minder druk hier, risico’s elders

Jeugd. De aanvullende besparing uit het vorige coalitieakkoord (oplopend tot € 511 miljoen structureel vanaf 2027) is geschrapt. Voor 2025 was al € 500 miljoen incidenteel toegevoegd aan de algemene uitkering. Vanaf 2026 wordt het bedrag van € 511 miljoen weer aan het gemeentefonds toegevoegd. Voor veel gemeenten verandert de raming beperkt, omdat hiervoor al een stelpost was opgenomen.

Wmo. Door vergrijzing nemen de uitgaven toe. Er wordt gewerkt aan aparte financiering (naar analogie van de bijstand) zodat grote volumeschommelingen niet uitsluitend bij gemeenten landen. In de Voorjaarsnota 2024 zijn extra middelen gereserveerd die oplopen tot € 300 miljoen in 2029; deze zijn nu aan het gemeentefonds toegevoegd voor de transitie.

Overige mutaties die tellen

DSO/IPLO
De structurele bijdrage uit het gemeentefonds voor beheer en doorontwikkeling van het Digitaal Stelsel Omgevingswet (DSO) en het Informatiepunt Leefomgeving (IPLO) gaat omhoog; deze oploop komt uit op circa € 20 miljoen in 2029.

Decentralisatie‑ en integratie‑uitkeringen
Naast de algemene uitkering is er bijna € 5 miljard beschikbaar aan DUI/IU‑middelen. In deze septembercirculaire komt ongeveer € 100 miljoen beschikbaar voor gemeenten. Voorbeelden en verdeelsleutels:

  • Alleenverdienersproblematiek 2023–2024. € 22,6 miljoen voor bijzondere bijstand aan getroffen huishoudens; verdeling mede o.b.v. Belastingdienstdata over aantallen huishoudens en gemiste toeslagen.
  • Toekomstbestendig energiebeleid. € 10 miljoen per jaar in 2024 en 2025 voor extra taken rondom netcongestie (o.a. energiehubs, matching vraag/aanbod, ondersteuning bedrijven). Richtlijn: circa 3 fte per RES‑regio.
  • Openbare bibliotheken. Overbrugging richting de zorgplicht: in 2025–2026 samen € 59,3 miljoen. Verdeling € 2,95 per inwoner, met een ondergrens van € 100.000 voor kleinere gemeenten.
  • Afschaffing LIV (Wsw). € 19,8 miljoen in 2025 via IU Participatie; loopt af naarmate de Wsw wordt afgebouwd.
  • Beschermd wonen. € 14,2 miljoen per jaar vanaf 2025 door volume‑indexatie.

Terugdringen specifieke uitkeringen
Conform het hoofdlijnenakkoord wordt ruim € 6 miljard overgeheveld naar gemeente‑ en provinciefonds, met een generieke korting van 10% op departementale begrotingen. De feitelijke verrekening vindt plaats bij overdracht van de betreffende regelingen.

Hoe Kodros helpt

Wij zijn de specialist in finance binnen de gemeentelijke sector. We leveren controllers, financieel adviseurs en projectcontrollers die direct waarde toevoegen op begroting, P&C en het sociaal domein. Uniek: na bemiddeling blijven we minimaal een jaar betrokken met coaching, begeleiding en opleiding. Zo borgen we kwaliteit en continuïteit bij jou op de werkvloer.

Waarmee ondersteunen we je concreet? We ondersteunen je met doorrekening van accres‑scenario’s en optimalisatie van begroting en meerjarenraming; met integraal prognosticeren in het sociaal domein (Jeugd/Wmo), inclusief contract- en tariefmanagement; met lightweight PMO en regievoering voor bibliotheken‑zorgplicht, DSO‑beheer en energie‑hubs; en met dashboards en maandrapportages die aansluiten op jouw P&C‑cyclus.

Wil je meer informatie? Neem contact op of bel naar 085-2500342.

Veelgestelde vragen over de Septembercirculaire 2024 en de impact op gemeentefinanciën

Hoewel de septembercirculaire enkele gerichte, incidentele meevallers bevat, biedt het geen structurele oplossing voor de financiële problemen vanaf het ‘ravijnjaar’ 2026. De algemene uitkering uit het gemeentefonds — waar gemeenten ruim de helft van hun inkomsten uit halen — loopt vanaf 2026 fors terug, terwijl de maatschappelijke taken en verwachtingen gelijk blijven. Het landelijke tekort voor het gemeentelijk domein blijft in de ramingen vanaf 2026 steken op circa € 1 miljard per jaar. Het schrappen van de oploop van de opschalingskorting dempt de pijn weliswaar iets, maar dicht dit gat absoluut niet.

In 2024 wordt er landelijk eenmalig € 447 miljoen aan het gemeentefonds toegevoegd via het Btw-compensatiefonds (BCF), omdat de gezamenlijke gemeentelijke btw-declaraties onder het landelijke plafond zijn gebleven. Voor een gemiddelde gemeente van 40.000 inwoners betekent dit een incidenteel voordeel van ongeveer € 900.000.

Belangrijke waarschuwing: Dit is strikt incidenteel geld. In 2023 was dit voordeel namelijk nog € 573 miljoen. Gemeenten die het BCF-voordeel destijds als structurele inkomst hebben ingeboekt, kijken in 2024 per saldo juist aan tegen een nadeel van ongeveer € 250.000 ten opzichte van het jaar ervoor.

Sinds 2024 is de indexering (het accres) van het gemeentefonds gekoppeld aan de bbp-ontwikkeling over een periode van acht jaar, vermeerderd met de inflatie. De hogere inflatie voor 2025 zorgt voor een structurele plus in het prijsdeel, waardoor gemeenten prijsstijgingen kunnen opvangen. Echter, het volumedeel valt in alle jaren lager uit (in 2028 landelijk circa € 150 miljoen minder). Voor een gemeente van 40.000 inwoners betekent dit zo’n € 300.000 minder reële financiële ruimte, waardoor de budgettaire rek voor groei en nieuwe opgaven krimpt.

Job alert instellen

We sturen je maandelijks banen die bij je kunnen passen. Geen spam, alleen wat relevant is.